Posts tagged ‘-8216juist-als-je-wint’

Jeroen Bijl: ‘Ook een technisch directeur mag je afrekenen op resultaat’

Nederlands Elftal

23/12/2018

Met Jeroen Bijl als nieuwe technisch directeur haalde de KNHB dit jaar een zwaargewicht als sportbestuurder binnen. De voormalige chef de mission van NOC*NSF zag in zijn eerste maanden de Oranje Dames wereldkampioen worden en de Champions Trophy winnen. De Oranje Heren behaalden zilver op het WK. Bijl kijkt tevreden terug op zijn eerste maanden, maar wil in het tophockey stappen zetten met fulltime assistent-bondscoaches en een opleiding tot topsporter. Het verzoek voor dit interview is sinds zijn aantreden op 1 mei van dit jaar als technische directeur bij de KNHB minimaal de vijfde poging. Maar Jeroen Bijl hield keer op keer de boot af. De oud-volleybalinternational, volleybalcoach en bestuurder van sportkoepel NOC*NSF wilde eerst eens rustig observeren, de organisatie en de mensen leren kennen en zich de hockeywereld eigen maken voordat hij naar buiten treedt. Maar ook nu hij dat eindelijk doet, gaat het niet van harte. ‘Ik heb het ontzettend naar mijn zin, maar het draait niet om mij, ik doe mijn werk op de achtergrond, met al die goede mensen bij de hockeybond. Ook bij Oranje is mijn rol er een in de schaduw. Daar draait het om de spelers en de staf. Als het moet en het mijn verantwoordelijkheid is, zal ik die ook in de pers nemen. Maar dit wordt echt een van de spaarzame interviews die ik ga geven’, zegt Bijl vlak nadat hij uit Bhubaneswar is gekomen. In India behaalden de Nederlandse mannen zilver op het WK na de verloren finale tegen België. ‘Als een toernooi winnen gemakkelijk zou zijn, kon iedereen dat’ Met welk gevoel ben je na het WK teruggekomen in Nederland? Jeroen Bijl: ‘Natuurlijk is er een lichte teleurstelling over het resultaat, we hadden graag goud gehaald. Maar overall kijk ik met een positief gevoel terug op het hele WK. Binnen het team was het goed voor elkaar. De sfeer en de organisatie waren goed en het elftal heeft zich naar buiten toe positief gemanifesteerd. Ook de opbouw naar het toernooi zat goed in elkaar en het resultaat was goed.’ Maar in de top tellen tweede plaatsen toch niet? Zeker niet in een sport waarin we als Nederland zo dominant zijn? ‘Dat mag je zo niet zeggen. Het is belangrijk dat je voor het hoogste gaat, maar je moet ook kijken naar het proces dat daaraan vooraf is gegaan. Je kunt nu eenmaal niet altijd winnen. Als een toernooi winnen zo gemakkelijk zou zijn, kon iedereen dat. Op het WK waren er meerdere ploegen die aanspraak konden maken op de titel. Ik vind dat Oranje zich daar prima heeft gemanifesteerd. Dat je niet wint, is ook sport. Details maken het verschil. Je moet nu gaan kijken hoe je die laatste stap kunt maken. De komende anderhalf jaar richting de Spelen hebben we in ieder geval de mindset van de nummer twee die de nummer een wil worden. Voor een topsporter is dat de beste uitgangspositie.’ Als je de ambitie hebt om wereld- en olympisch kampioen te worden, moet je dat of een keer in de drie, vier, vijf toernooien worden of je ambities bijstellen Jeroen Bijl, technische directeur KNHB Het was nu achttien jaar geleden dat het Nederlands mannenteam voor het laatst goud won op een mondiaal podium, straks bij de Spelen is dat 20 jaar. Wordt het niet tijd dat we bij de Oranje Heren alleen nog tevreden terugkomen met een gouden medaille om de nek? ‘Als je de ambitie hebt om wereld- en olympisch kampioen te worden, moet je dat of een keer in de drie, vier, vijf toernooien worden of je ambities bijstellen. Dat laatste is niet het geval, dus moet je een keer die eerste plek halen. Daarbij wel aangetekend dat ik vind dat het verliezen van de WK-finale via shoot-outs  wel iets anders is dan er in de kwartfinale hard afgaan. We beseffen echt wel dat het om winnen gaat. Maar winnen is bijna altijd het resultaat van een goed proces. En als ik kijk naar het laatste half jaar, is dat proces goed geweest.’ Bondscoach Max Caldas met Jeroen Bijl, bestuurslid Tophockey Heren Stephan Veen en KNHB-voorzitter Erik Cornelissen. Foto: Koen Suyk Binnenkort staat, net als na elk groot toernooi, een evaluatie met bondscoach Max Caldas gepland. Als ik je zo beluister, hoeft hij niet te vrezen voor zijn baan? ‘We moeten natuurlijk nog evalueren, maar kijkend naar resultaat en dat wat we hebben gezien, kan ik wel zeggen dat we positieve intenties hebben om met Max door te gaan.’ Wat is ervoor nodig om over twee jaar wél olympisch kampioen te worden? ‘Dat is heel moeilijk om te zeggen. Als het over hockeytechnische of -tactische zaken gaat, is dat aan de staf en niet aan mij. Maar ook over de andere vlakken kan ik nu nog niks zeggen. Daarvoor moeten we eerst het WK evalueren. Dat gaan we doen met de staf en spelersgroep. Alles passeert dan de revue. We kijken niet wat er misging, maar vooral: wat zijn de verbeterpunten.’ Nederland viert de WK-titel. Jeroen Bijl: ‘Elke keer goud winnen, is echt niet zo gemakkelijk. Wie dat denkt, snapt niet hoe topsport werkt.’ Foto: Koen Suyk Je bent een groot deel van de tijd bij het WK geweest. Wat was jouw rol daar? ‘Voor mij was het de eerste keer dat ik bij een WK hockey voor mannen was. En dus een goed moment om de mores daar te leren kennen. Maar ook om met collega’s van andere landen kennis te maken. Rond de ploeg was ik beschikbaar om te spiegelen als iemand daaraan behoefte had. Maar ook op zo’n toernooi is mijn rol niet zo groot en draait het om de staf en de spelers.’ Je hebt in je eerste maanden als technisch directeur WK goud, WK zilver en de Champions Trophy-zege behaald. Een prima start? ‘Ik kijk heel tevreden terug op het eerste half jaar. Al heb ik in die periode vooral een observerende rol gehad. Vanuit die positie heb ik veel goede dingen gezien. De dames hebben natuurlijk de best mogelijke resultaten behaald en over het geheel is er veel potentie in de groei naar de aankomende Spelen.’ ‘Juist als je wint, moet je als topsporter de instelling van de nummer twee hebben’ De Oranje Dames zijn nagenoeg onoverwinnelijk en staan toernooi na toernooi op de bovenste tree. Daar hoef je dus niet al te veel tijd aan te besteden? ‘Dat is een misvatting. We besteden evenveel tijd aan de vrouwen als aan de mannen. Juist als je wint, moet je als topsporter de instelling van de nummer twee hebben. Je moet je blijven ontwikkelen. Bij de dames lijkt het heel gemakkelijk, maar dat is het niet. Als je in de topsport even niet oplet, ben je de nummer twee.’ De Oranje Dames gingen met deels een tweede keus en drie dagen voorbereiding naar de Champions Trophy in China, wonnen alle wedstrijden en de finale zelfs afgetekend met 5-1 van Australië. Hoezo moeilijk? ‘Maar ze zullen echt niet terugkijken dat de eerste wedstrijden van de Champions Trophy tegen Japan en Argentinië gemakkelijk gingen. Pas later verliep het toernooi soepeler. Verder moet je niet vergeten dat het hier om de Champions Trophy ging, dat is echt heel wat anders dan de Olympische Spelen straks in Tokio. Het gewicht van dat toernooi is zoveel groter. Met de Champions Trophy is voor de Oranje Dames een route naar de Spelen gestart, maar dat geldt voor andere landen natuurlijk net zo. Die zijn in Tokio straks ook maximaal voorbereid.’ Dat waren die teams toch ook voor het WK? Daar won Nederland de finale met 6-0 van Ierland en had de ploeg van Alyson Annan alleen een moeilijke wedstrijd in de halve finale tegen Australië. ‘Maar juist in die wedstrijd dat ze er moesten staan, stonden ze er ook. Dat is topsport. Bij elke topploeg gaat het namelijk een keer mis, alle grote favorieten gaan een keer onderuit. Het Braziliaanse volleybalteam won in de jaren richting de spelen in Rio bijna alles. Maar op de Spelen werd die ploeg in de kwartfinale uitgeschakeld. Elke keer goud winnen, is echt niet zo gemakkelijk. Wie dat denkt, snapt niet hoe topsport werkt.’ ‘Ik miste in mijn laatste jaren bij NOC*NSF het contact met de sporters’ Laten we nog even teruggaan naar je benoeming. Je hebt een indrukwekkende reputatie opgebouwd in je jaren bij NOC*NSF. Waarom heb je nu gekozen voor een plek in de schaduw bij de hockeybond? ‘Ik houd van teamsporten en ik heb hockey altijd een leuke sport gevonden. Ik had een positief beeld van de organisatie en bij de ambitie. Vanwege mijn verleden en ervaring had ik wel het idee dat ik hier iets kon toevoegen. Voor mij speelde het geen rol of de sport nu groot of klein was. Ik moet het vooral naar mijn zin hebben. Ik heb in de functie ook gekeken naar de balans tussen het bestuurdersdeel, zeg maar de kantoorkant, en hoe dicht ik op het veld, op de sporters zit. De laatste jaren bij NOC*NSF  was ik namelijk veel meer bestuurder. Ik miste het contact met de sporters. Ik vind het leuk dat ik nu, net als in de tijd als Chef de Mission, dichter op de sporters zit.’ Jeroen Bijl feliciteert Laura Nunnink met de gouden plak na afloop van de WK-finale in Londen. Rechts KNHB-voorzitter Erik Cornelissen. Foto: Koen Suyk Wat wil jij de komende jaren als technisch directeur bij de KNHB toevoegen? ‘We willen graag stappen zetten in talentontwikkeling. Bijvoorbeeld door een opleiding tot topsporters voor jonge spelers op te zetten. Dat we jongens en meisjes van veertien, vijftien jaar leren wat het betekent om op achttien-, negentienjarige leeftijd aan te sluiten bij het Nederlands Elftal. Wat moet je daarvoor doen en wat moet je daarvoor laten? Dan gaat het om het fysiek, maar ook om eet- en slaapgewoonten. Maar ook: hoe ga je om met rust? We hebben binnen de topsport vaak de neiging om vooral te kijken naar innovatie. Maar het is juist belangrijk om de basis op orde te hebben. Als je consequent twee uur te kort slaapt, kun je innoveren wat je wil, maar kom je er niet.’ Wat betreft het fysiek zal in die topsportopleiding de nieuwe Pro League waarschijnlijk ook een item zijn. De Nederlandse internationals krijgen vanaf 2019 heel wat voor de kiezen met in ieder geval zestien interlands binnen zes maanden en de hele wereld over reizen? ‘Wat betreft de fysieke belasting maak ik me wat minder zorgen. Dat is trainbaar. Belangrijk is het om te kijken naar de maatschappelijke en sociale impact. Voor de spelers die in de Pro League meedoen, bestaat het eerste half jaar straks hoofdzakelijk uit hockey. Dat biedt amper ruimte voor andere zaken, zoals werk, studie en een sociaal leven. Als de Pro League een succes wordt, gaat dat de komende jaren ook niet veranderen. We moeten samen met de clubs en spelers kijken hoe we daarmee omgaan.’ Voor de clubs is de oplossing al veel langer helder: betaal de internationals voor de tijd die ze bij Oranje doorbrengen. De spelers kunnen zich dan als full prof op het hockey storten. ‘Die gedachtegang is begrijpelijk. En misschien zou geld een onderdeel van de oplossing kunnen zijn. Maar we moeten kijken naar het totaalplaatje. Het moet een gezamenlijke oplossing worden, waarin de spelers zelf ook moeten meedenken.’ ‘Die dubbelfunctie bij bond en club blijft een bijzonder fenomeen in het hockey’ Behalve een belasting voor de spelers wordt de Pro League ook een stevige uitdaging voor de bondscoaches Caldas en Annan. Zij zijn in de staf nu de enigen die fulltime in dienst zijn, de rest is parttime. Is dat nog wel van deze tijd? ‘Nee. Daar gaan we in de loop van 2019 ook wat aan doen. De beide bondscoaches krijgen dan een fulltime assistent. Niet alleen omdat de bondscoaches te veel werk op hun schouders krijgen, maar ook omdat ze dan altijd iemand beschikbaar hebben om mee te kunnen overleggen. We moeten dan wel kijken naar de goede invulling van de taken van die assistent als de clubcompetitie bezig is. Ik zie een rol voor die assistent bij de andere Oranje-ploegen in de mannen- en vrouwenlijn. Daarnaast kunnen we die assistent ook inzetten om training te geven of bijscholing te verzorgen aan bijvoorbeeld video-analisten of andere specialisten. Een vaste assistent heeft ook als voordeel dat die geen dubbele petten meer op heeft. Die dubbelfunctie bij bond en club blijft een bijzonder fenomeen in het hockey. Al moet ik zeggen dat de huidige assistenten bij de Oranje-teams dat nu geweldig invullen.’ Alyson Annan met haar assistenten Lucas Judge (links) en Albert Kees Manenschijn. Foto: Andre Weening/Orange Pictures Behalve de dubbele petten is er in de Nederlandse hockeywereld ook kritiek op de benoeming van de bondscoaches van de andere Oranje-teams. Neem de aanstelling van Helen Lejeune – van der Ben en Marieke Dijkstra als bondscoaches van respectievelijk Nederlands Meisjes A en Nederlands Jongens B. En Rick Mathijssen die van Jong Oranje Dames naar Jongens A gaat. Steeds dezelfde namen op andere plekken. Er lijkt geen ruimte voor vernieuwing. Snap je die kritiek? ‘Dat snap ik zeker. We moeten daar ook altijd naar kijken en voor open staan. Dat hebben we ook gedaan door een aantal vacatures niet al in te vullen, maar open te stellen voor iedereen. We waren juist benieuwd naar de reacties uit de hockeywereld. Welke trainers verrassen ons en hebben ambitie?’ Wij horen dat veel coaches al niet eens meer solliciteren, omdat ze verwachten dat de keuzes toch al zijn gemaakt? ‘Dat klopt niet. Het is jammer dat mensen dat denken. Het is onterecht. We hebben voor deze functies met meerdere kandidaten gesproken, maar dit vonden wij de meest geschikte coaches voor deze functies. Als trainer en coaches daarover vragen hebben, kunnen ze altijd bij ons aankloppen.’ Tot slot: je bent ambitieus, gewend om voor de prijzen te gaan. Meet jij je eigen succes af aan het behalen van medailles? ‘Wel voor een deel. Ik ga nu niet zeggen welke plek en wanneer we die moeten halen. Maar ik vind wel dat ik over twee of vier jaar kritisch naar mezelf mag kijken. En ik vind dat je een technisch directeur ook mag afrekenen op resultaten. Dat hoort bij de job. We zitten in een performance wereld dus we moeten resultaten halen.’ Het bericht Jeroen Bijl: ‘Ook een technisch directeur mag je afrekenen op resultaat’ verscheen eerst op Hockey.nl .

Lees het hele bericht op Hockey.nl

Deel dit artikel met anderen